Tags

, , , ,

Hoseas Slaterus werd in 1759 beroepen tot jongste predikant in Goor, de plaats waar hij geboren en opgegroeid was én de plaats waar zijn vader predikant was geweest.

Naamketen van predikanten in Goor

Op de website Van Papier naar Digitaal vinden we een aantal kerkboeken uit deze tijd gefotografeerd, waaronder het trouwboek uit 1758 van de Hervormde kerk. Naast het sierlijke handschrift van de oudste predikant Johannes Henricus Smits (Lingen 1721 – Goor 1796), herkennen we meteen het “slordige” handschrft van Hoseas.

Goor had in die dagen twee predikanten op 800 lidmaten (!). Pas als de oudste predikant vertrok of overleden was, kon de jongste predikant meer verdienen en intrek nemen in de “wheeme”, de pastorie:

“De oudste Predikant heeft, eeniglyk, een Pastorie-Huis: en, geniet een Traktement van 535 gulden, van de Provincie; bestaande het overige in Landerijen. De jongste Predikant, heeft van de Provincie 250 — van den Rentmeester der Geestelijke goederen van Sipkelo en Albergen 110 — en van de Stad 50 gulden: en, eenig koorn.”

Uit: Kerkelyke geographie der Vereenigde Nederlanden etc. 1770.

Voorin het trouwboek van de Gereformeerde gemeente van Goor dat begint in 1758 vinden we de volgende aantekenigen in het handschrift van Hoseas. Had hij dit, als beginnend predikant, nodig als geheugensteuntje?

Ger. trouwboek Goor 1758 – 1762

Pro Memoria [ = ter herinnering ]

Eenige vraegarticulen voor te stellen aen den geenen, die zich willen laten intekenen en proclameeren [ = afkondigen ]

1)            of beide onder deeze gemeinte behooren; zo niet, te bezorgen dat de proclamatie ook ter behoorlijker plaets geschiede.

2)            of beide nooit te vooren gehuwt, maer ongetrouwt zijn geweest;

1             zoo anders, hoe lange beide ofde eene of ander weduwnaer en weduw zijn geweest

2             En of dan, ook kinderscheidinge [ = “Kinderscheidingen” waren boedelscheidingen tussen een weduwnaar of weduwe en hun minderjarige kinderen. Een dergelijke boedelscheiding moest plaats vinden als de overlevende ouder wilde hertrouwen. ] is geschiet en daer van behoorlijk bewijs

NB.        Zonder speciael consent des Heeren Landdrostes [ = hoogste bestuursambtenaar ] mag een weduw na het overlijden van haer man niet hertrouwen voor dat negen maenden geexpireert [ = afgelopen ] zijn. Een weduwnaer moet insgelijks vijf maenden wagten.

3)            Indien beide, of een van beiden ongehuwt, of dan de ouders het zij vader of moeder of een van beide levende is, en dezelve haer consent [ = toestemming ] persoonlijk of schriftelijk te geven . En zoo niet mondig; of de mombaren [ = voogden]  dan consenteeren.

4)            of dezelve van eenen godsdienstzijn; zo neen, offer toestemming van den Hoofdofficier is.

5)            of zij ook te na in vriendschap elkanderen bestaen.

NB          geproclameerde personen moeten een maendt na de laetste proclamatie zich het huwelijk laten inzegenen en copuleeren [ hier: zich in het huwelijk laten verbinden’ ] of verbeuren [ = opgelegd krijgen ] 10 goud gulden voor de eerste maendt. Zie Landregt Overijssel 2de deel pag. 68 seqq. [ sequentia = en volgende ]